Skip to main content
  

Background story

Jan C Hogendoorn

De ontmoeting tussen Jan C. Hogendoorn en Rob Andreas ontstond vanuit hun ambtelijke en professionele achtergrond. Beiden waren als ambtenaar werkzaam binnen een bouwtechnische en architectonische werkomgeving.

Wat begon als een samenwerking, groeide al snel uit tot een bijzondere verbondenheid. Een belangrijk element daarin was onze wederzijdse liefde voor Indonesië.

Voor Rob was die verbondenheid sterk geworteld in zijn eigen Indonesische afkomst en achtergrond. Voor mij kwam die belangstelling voort uit het gemis van mijn vader. Als dienstplichtig reserveofficier bij de Genie, met een functie op Java en gestationeerd in Bandoeng, moest hij tijdens de onafhankelijkheidsperiode van Indonesië zijn gezin vanwege zijn plicht achterlaten.

In die bewogen periode moest mijn vader vanuit zijn functie bijdragen aan de gebeurtenissen die zich in Indonesië voltrokken. Via Radio Holland ontvingen wij berichten waarin ook zijn betrokkenheid en barmhartigheid jegens de lokale Indonesische bevolking naar voren kwamen. Vanuit zijn standplaats aan de Merdekaweg in Batavia kregen wij verhalen te horen, die diepe indruk op mij maakten.

Eén gebeurtenis heeft mijn verbondenheid met Indonesië in het bijzonder bepaald. Na een vliegtuigincident was mijn vader de enige overlevende en werd hij door de lokale Indonesische bevolking gered. Hij werd zeer goed verzorgd, door de liefevolle zusters en medische staf van het ziekenhuis in Bandung. Het verhaal over deze redding is mij altijd bijgebleven en vormt tot op de dag van vandaag een belangrijke basis voor mijn persoonlijke betrokkenheid bij Indonesië.

Nu ik gepensioneerd ben, geven deze ervaringen en de gedeelde gevoelens met Rob mij de motivatie om mij maatschappelijk te blijven inzetten. Dit alles geeft  mij een blijvende verbinding met Indonesië en een belangrijke drijfveer om duurzaam bij te dragen aan de doelstellingen van  DIPCInternationaal ANBI-Foundation.