Skip to main content
  

Background story

Reagan Andreas

Als geboren en getogen Rotterdammer liggen mijn wortels stevig in deze stad. Ik ben er opgegroeid, heb er gestudeerd en gewerkt. Tegelijkertijd was er thuis altijd een andere wereld heel dichtbij: die van mijn Indische achtergrond en familiegeschiedenis.


Tijdens familiebijeenkomsten, kwam die Indische cultuur als vanzelf tot leven. Het heerlijke eten van mijn oma, bereid volgens recepten, die binnen de familie werden doorgegeven. Samen naar de Pasar Malam. De klanken van gitaarmuziek, de Indische gezelligheid en harmonie. En natuurlijk Pencak Silat, waarvan de kennis en tradities van vader op zoon werden overgedragen. Het zijn herinneringen die voor mij onlosmakelijk verbonden zijn met wat het betekent om Indo te zijn in Nederland.


Daarbij hoort ook een geschiedenis die niet altijd gemakkelijk is geweest voor de INDO's (In Nederland Door Omstandigheden). Mijn familie Andreas kwam in 1967 naar Nederland. Al op jonge leeftijd kreeg ik mee hoeveel impact het verleden in Indonesië en de komst naar Nederland op eerdere generaties heeft gehad. In het bijzonder zag ik dit bij mijn vader, Rob Andreas, die zich sterk betrokken voelde bij de ervaringen en het verdriet van zijn moeder, mijn oma.

Die betrokkenheid bracht hem ertoe zich jarenlang in te zetten voor onderwerpen die de Indische gemeenschap raakten.


Zo hield hij zich onder meer bezig met projecten rond Backpay/KNIL en met vraagstukken en de opzet van een actiecomité rond het Traktaat van Wassenaar uit 1966. Ook was hij de oprichter van NINES Spijkenisse, waarmee werd bijgedragen aan de zichtbaarheid en verbinding van de Indische gemeenschap in Nederland.

Als kind kreeg ik daar veel van mee. Nu ik volwassen ben, realiseer ik mij des te meer hoeveel die ervaringen mij hebben geleerd over identiteit, familie, geschiedenis en verbondenheid.

Indo zijn betekent voor mij niet alleen terugkijken naar waar we vandaan komen, maar juist ook verbinding zoeken tussen generaties, culturen en landen.

Mijn beroep is bedrijfsadviseur. Die professionele ervaring wil ik graag combineren met mijn persoonlijke achtergrond en inzetten voor Stichting DIPCInternational. Ik hoop daarmee, wellicht juist op microniveau, bij te dragen aan het versterken van de banden tussen Nederland en Indonesië. Die verbinding is voor mij ook heel persoonlijk: een deel van mijn familie woont nog altijd in Indonesië.

Met respect voor het verleden, maar vooral met mijn blik op de toekomst, zet ik mij daarom met veel plezier in voor DIPC International. Samen met de betrokken en bevlogen mensen binnen de stichting wil ik bijdragen aan het bewaren van verhalen, het verbinden van mensen en het levend houden van de bijzondere band tussen Nederland, Indonesië en de Indische gemeenschap.


Want uiteindelijk begint verbinding niet bij landen of organisaties, maar bij mensen, families en de verhalen die zij aan elkaar doorgeven.